🎉 Je eerste verkeersplan is gratis, basis evenementen plattegrond is voor altijd gratis! 🎉
Traffic ChartTraffic Chart

BGBOP EN GEBRUIKSMELDING

BGBOP: wat er op je evenemententekening moet staan

Het BGBOP, voluit het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen, regelt sinds 1 januari 2018 het brandveilig gebruik van plaatsen die geen bouwwerk zijn. Een evenemententerrein, een feesttent, een tribune, een kampeerveld: allemaal "overige plaatsen". Het besluit kent geen vergunning, alleen een gebruiksmelding, en het schrijft precies voor welke tekeningen daarbij horen.

Deze pagina zet de eisen op een rij zoals ze in het besluit staan, met de artikelnummers erbij, plus wat veiligheidsregio's daar in de praktijk bovenop vragen. Onderaan staat de checklist met 47 punten die je tekening moet halen. Wij tekenen die plattegrond, we verlenen geen goedkeuring en we zijn geen juridisch adviseur.

4 wekenminimale termijn voor de gebruiksmelding
150personen per verblijfsruimte: de meldgrens
90+gemeenten beoordelen tekeningen bij ons

01 HET INSTRUMENT

Wat het BGBOP is en waar het over gaat

Het BGBOP is een algemene maatregel van bestuur op grond van de Wet veiligheidsregio's, in werking sinds 1 januari 2018. Het vervangt de brandveiligheidsvoorschriften die gemeenten daarvoor zelf in een brandbeveiligingsverordening regelden. Sindsdien gelden voor niet-bouwwerken landelijk dezelfde regels, en verschilt de brandveiligheidseis dus niet meer per gemeentegrens.

Het besluit gaat over "plaatsen": in artikel 1.1 gedefinieerd als een ruimtelijk begrensde oppervlakte die bestaat uit ten minste een gebied of een bouwsel, of een samenstelling daarvan. Dat is precies waar een gebouw niet onder valt. Een festivalterrein met tenten, podia en tribunes valt eronder; een concertzaal van steen niet, want daarvoor geldt het Besluit bouwwerken leefomgeving.

Het BGBOP bestaat uit vijf inhoudelijke hoofdstukken. Hoofdstuk 2 regelt de gebruiksmelding en de bijbehorende tekeningen. Hoofdstuk 3 stelt bouwtechnische eisen aan bouwsels, waaronder de vluchtroutes. Hoofdstuk 4 gaat over installaties, verlichting, blusmiddelen, de bereikbaarheid voor hulpdiensten en de basishulpverlening. Hoofdstuk 5 stelt gebruikseisen tijdens het evenement zelf, van bakkramen tot de opstelling van zitplaatsen.

Belangrijk misverstand: de voorschriften uit hoofdstuk 3 tot en met 5 gelden voor elke plaats die onder het besluit valt, ook wanneer je geen gebruiksmelding hoeft te doen. De meldplicht is een procedure, niet de bron van de eisen. Een dorpsfeest met een tent voor 120 personen doet geen melding en moet toch voldoen aan de eisen voor vluchtroutes, blusmiddelen en bereikbaarheid.

02 DE GEBRUIKSMELDING

Gebruiksmelding: wanneer verplicht en op welke termijn

Artikel 2.1 lid 1 verbiedt het in gebruik nemen van een plaats zonder gebruiksmelding in vier situaties. Alle vier gaan over een verblijfsruimte, dus over de ruimte in een bouwsel, niet over het open terrein eromheen.

  • Er wordt bedrijfsmatig of in het kader van verzorging nachtverblijf verschaft aan meer dan 10 personen.
  • Er wordt verzorging geboden aan meer dan 10 personen jonger dan 12 jaar, of aan meer dan 10 lichamelijk of verstandelijk gehandicapte personen.
  • Een verblijfsruimte is bestemd voor meer dan 150 personen tegelijk. Dit is de grond waar de meeste evenementen op uitkomen.
  • Je past een gelijkwaardige oplossing toe op grond van artikel 1.4, in plaats van een voorschrift uit hoofdstuk 3 tot en met 5.

De termijn

Artikel 2.2 schrijft voor dat de melding ten minste vier weken voor de voorgenomen aanvang van het gebruik bij het bevoegd gezag ligt. Het bevoegd gezag is het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waar de plaats ligt. Een gemeente mag een kortere periode hanteren, maar niet langer eisen. Reken hier niet op: veel gemeenten koppelen de melding aan de vergunningsaanvraag, en die loopt doorgaans acht tot twaalf weken vooruit.

Wat je aanlevert

De melding gaat op een formulier dat het bevoegd gezag beschikbaar stelt, waarvan het model bij ministeriele regeling is vastgesteld. De bijlagen staan in artikel 2.3: een situatieschets met noordpijl en een plattegrond met maat- of schaalaanduiding die alle objecten groter dan 25 m² bevat. Voor elk bouwsel met een verblijfsruimte voor meer dan 150 personen komt daar een eigen plattegrond bij.

Wat er daarna gebeurt

Je krijgt een bewijs van ontvangst met de datum erop. Een melding wordt niet verleend of geweigerd, want het is geen vergunning. Wel kan het bevoegd gezag op grond van artikel 2.4 nadere voorwaarden opleggen aan het gebruik, als die nodig zijn om brand en ongevallen bij brand te voorkomen of te beperken. Die voorwaarden zijn bindend en kunnen later worden gewijzigd bij veranderde omstandigheden.

Twee soorten gebruiksmelding, niet verwarren

De term gebruiksmelding bestaat twee keer in het Nederlandse recht. De BGBOP-melding gaat over overige plaatsen: terreinen, tenten, tribunes. De gebruiksmelding uit artikel 6.7 van het Besluit bouwwerken leefomgeving gaat over bouwwerken, met een drempel die per gebruiksfunctie verschilt. Organiseer je een evenement in een bestaand gebouw, dan zit je in dat tweede spoor en niet in het BGBOP.

03 DE CHECKLIST

Checklist: wat er op de tekening moet staan

47 punten, gegroepeerd naar het onderdeel van het besluit waar ze uit komen. De eerste drie groepen zijn indieningsvereisten, de laatste twee zijn de normen waar een beoordelaar je tekening tegen narekent. Waar een eis regionaal verschilt, staat dat erbij.

1. Situatieschets: het terrein in zijn omgeving

BGBOP artikel 2.3 lid 1a, aangevuld met wat veiligheidsregio's vragen

De wet stelt hier een enkele harde eis: een noordpijl. Veiligheidsregio's vragen in de praktijk meer, omdat de hulpdiensten deze tekening gebruiken om te bepalen hoe ze bij een incident het terrein op komen.

  • Noordpijl op de tekening (de letterlijke eis uit artikel 2.3)
  • Het evenemententerrein in verhouding tot omliggende straten, gebouwen en waterpartijen
  • Aan- en afvoerroutes voor hulpdiensten, ingetekend als aparte lijnen
  • Bluswatervoorziening: brandkranen en bruikbaar open water
  • Verzamelplaats bij ontruiming, buiten het terrein zelf
  • Straatmeubilair en straatverlichting die de opbouw of de doorrijhoogte beperken
  • Parkeerterreinen, zowel de bestaande als de plekken voor bezoekers
  • Wegafzettingen, omleidingen en de posities van verkeersregelaars

2. Plattegrond van het terrein: maatvoering en objecten

BGBOP artikel 2.3 lid 1b

Dit is het blad waar een beoordelaar op meet. De wettelijke ondergrens is laag geformuleerd, maar de praktijkeisen van gemeenten en veiligheidsregio's zitten hier bovenop.

  • Een maat- of schaalaanduiding op de tekening zelf, niet alleen in de mail
  • Alle objecten groter dan 25 m² op het terrein: dat is de letterlijke ondergrens van artikel 2.3
  • Exacte afmetingen van tenten, tribunes, podia, kramen, geluidstorens, springkussens en beeldschermen
  • Netto beschikbare vierkante meters voor publiek, per zone
  • Hekwerk met type, hoogte en draairichting, plus vast of verrijdbaar
  • Toegangscontrole en de inrichting daarvan bij een afgesloten terrein
  • Centrale post, EHBO-post en beveiligingspost op hun exacte locatie
  • Hoofdingangen en bezoekersstromen als aparte lijnen of pijlen
  • Genummerde uitgangen, met erbij welke voor publiek, artiesten, organisatie of hulpdiensten is
  • Legenda met alle gebruikte symbolen en lijntypes, plus versienummer en datum

3. Per bouwsel voor meer dan 150 personen

BGBOP artikel 2.3 lid 2

Voor elke tent, tribune of overkapping met een verblijfsruimte voor meer dan 150 personen tegelijk maak je een eigen plattegrond. Dit is de enige lijst op deze pagina die de wet letterlijk zo opsomt.

  • Het hoogste aantal gelijktijdig aanwezige personen in die verblijfsruimte
  • De voor personen beschikbare oppervlakte in vierkante meters
  • De gebruiksbestemming van de ruimte
  • De opstelling van inventaris en inrichtingselementen: bar, kramen, stoelenplan, podium
  • Brand- en rookwerende scheidingsconstructies, voor zover aanwezig
  • Vluchtroutes en nooduitgangen, met de breedte erbij vermeld
  • Draairichting van nooduitgangen en andere doorgangen
  • Vluchtrouteaanduiding en noodverlichting
  • Brandblusvoorzieningen
  • De brandweeringang

4. De getallen waarop een beoordelaar narekent

BGBOP hoofdstuk 3 en 5

Deze normen hoeven niet als tekst op de tekening, maar je tekening moet er wel aan voldoen. Een beoordelaar meet ze na op je plattegrond, dus reken ze vooraf door.

  • Elke vrije doorgang in een vluchtroute minimaal 0,50 m breed, en ten minste een doorgang 0,85 m
  • Elke doorgang in een vluchtroute minimaal 2 m hoog
  • Doorstroomcapaciteit bij een gewone doorgang: 135 personen per minuut per meter vrije breedte
  • Bij een enkele deur die minder dan 135 graden opent: 110 personen per minuut per meter
  • Bij een dubbele deur die minder dan 135 graden opent: 90 personen per minuut per meter
  • Bij een trap met een hoogteverschil van meer dan 1 m: 45 personen per minuut per meter
  • Een gangpad is ten minste 1,1 m breed, een uitgang uit een verblijfsruimte ten minste 0,85 m
  • Tussen rijen zitplaatsen ten minste 0,45 m vrije ruimte
  • Noodverlichting in een verblijfsruimte voor meer dan 75 personen: binnen 15 seconden aan, minimaal 60 minuten, ten minste 1 lux op de vloer
  • Vluchtroutes vrij van voorwerpen en materialen, ook tijdens opbouw en afbouw

5. Hulpdiensten, bluswater en bakkramen

BGBOP hoofdstuk 4 en artikel 5.14, plus regionale handreikingen

Dit deel bepaalt of de brandweer bij een incident daadwerkelijk kan werken. De maatvoering van de verbindingsweg staat in de handreikingen van de veiligheidsregio's, en die verschilt licht per regio.

  • Verbindingsweg voor brandweervoertuigen tussen de openbare weg en de toegang van elk bouwsel met een verblijfsruimte
  • Veiligheidsregio's rekenen die route door op 4,5 m breed, waarvan 3,25 m verhard, en 4,2 m vrije hoogte
  • Draagkracht van die route: veelal 15 ton totaalgewicht en 10 ton aslast, controleer de norm van je eigen regio
  • Opstelplaats voor brandweervoertuigen op ten hoogste 40 m van de brandweeringang
  • Bluswatervoorziening ingetekend, bereikbaar en niet dichtgezet met kramen of hekwerk
  • Bakkraam of bakwagen met gasinstallatie: minimaal 2 m van een gebouw, of 5 m als er gefrituurd wordt
  • Bakkraam met gasinstallatie tot een andere bakkraam met gas of tot een ander bouwsel: minimaal 2 m
  • Elektrische bakkraam waarin gefrituurd wordt tot een ander bouwsel: minimaal 2 m
  • Gemeten vanaf de buitenzijde van de kraam of wagen, niet vanaf de fryer

04 TWEE SPOREN

BGBOP naast de evenementenvergunning uit de APV

Hier ontstaat de meeste verwarring, dus even scherp: het zijn twee verschillende instrumenten met twee verschillende grondslagen. De evenementenvergunning komt uit de Algemene Plaatselijke Verordening van je eigen gemeente. Die gaat over openbare orde, geluid, eindtijden, verkeer, gezondheid en veiligheid in brede zin, en wordt doorgaans door de burgemeester verleend. Elke gemeente schrijft zijn eigen APV, dus de drempels en de bijlagen verschillen per gemeente.

Het BGBOP is landelijk en gaat alleen over brandveilig gebruik en basishulpverlening. Het kent geen vergunningplicht, alleen een meldplicht, en het bevoegd gezag is het college van burgemeester en wethouders. De inhoudelijke voorschriften gelden van rechtswege, ongeacht of iemand iets heeft aangevraagd of gemeld.

De twee sporen raken elkaar in artikel 2.1 lid 3. Daar staat dat de meldplicht niet van toepassing is wanneer voor de plaats een evenementenvergunning is vereist en de gegevens uit artikel 2.3 in dat kader moeten worden aangeleverd. Vertaald: vraagt jouw gemeente de situatieschets en de plattegronden al op bij de vergunningsaanvraag, dan hoef je daarnaast geen aparte gebruiksmelding te doen. De tekeningen zelf verdwijnen niet, alleen de dubbele procedure.

Artikel 2.1 lid 2 regelt een tweede uitzondering: is voor de activiteit een vergunning voor brandveilig gebruik vereist, dan vervalt de meldplicht eveneens. Ook dan blijven de eisen aan de tekening staan, want die worden in dat spoor opgevraagd.

Praktisch advies: bel de gemeente en vraag expliciet of zij de BGBOP-gegevens binnen de evenementenvergunning uitvragen of als losse melding willen ontvangen. Dat antwoord verschilt per gemeente en bepaalt of je een of twee dossiers indient. Vraag in hetzelfde gesprek welke schaal en welk papierformaat ze willen zien, want die keuze staat niet in het besluit.

05 SCHAAL EN FORMAAT

Schaal, symbolen en versiebeheer

Het besluit eist een maat- of schaalaanduiding, maar noemt geen schaal. Veiligheidsregio's doen dat wel in hun handreikingen. Voor de plattegrond van een evenemententerrein wordt vaak 1:100, 1:200 of 1:500 geadviseerd, voor de bredere situatietekening 1:500 of 1:1000, en voor de plattegrond van een enkele tent 1:100. Kies een schaal waarop een beoordelaar de vrije doorgang bij een nooduitgang nog met een liniaal kan nameten.

Zet de aanduidingen zo veel mogelijk conform NEN 1413 op de tekening, de norm voor symbolen voor veiligheidsvoorzieningen. Neem de legenda op de tekening zelf op; wordt die te groot, dan mag hij als apart blad mee. Zet er ook een versienummer en een datum bij. Bij een schouw wordt als eerste gecontroleerd of de opbouw overeenkomt met de laatst goedgekeurde versie, en dan moet iedereen dezelfde versie in handen hebben.

Lever aan als PDF op een vast papierformaat met de schaal erop afgedrukt, niet als screenshot en niet als foto van een uitgeprinte tekening. Gemeenten die een beoordelingsmodule gebruiken kunnen dan direct op de kaart meten en aftekenen. Een tekening zonder schaal kan de vraag "is deze calamiteitenroute breed genoeg" niet beantwoorden en gaat retour, waarna de behandeltermijn opnieuw begint.

06 DE TEKENING MAKEN

Van eisenlijst naar een plattegrond op schaal

Elk punt op de checklist hierboven is een ding dat je moet kunnen intekenen en nameten. Dat is precies wat onze event-map module doet: je tekent de plattegrond van je festivalterrein op een echte, geschaalde kaart, waarbij zones hun oppervlakte in vierkante meters teruggeven en routes hun lengte in meters. De 25 m²-grens uit artikel 2.3 en de doorstroomberekening per meter vrije breedte worden daarmee meetbaar in plaats van geschat.

Sluit je een weg af of leid je verkeer om, dan hoort daar naast de terreintekening een routekaart en verkeersplan bij, met de bebording en de posities van verkeersregelaars. Weet je nog niet in welke volgorde dit allemaal moet, dan loopt het stappenplan voor het organiseren van een evenement de hele planning door, van eerste idee tot oplevering.

Wat wij niet doen: goedkeuren. Een plattegrond uit Traffic Chart is geen bewijs dat je aan het BGBOP voldoet. Dat oordeel is aan de gemeente en de veiligheidsregio, en die kunnen op grond van artikel 2.4 nadere voorwaarden stellen. Wij zijn ook geen juridisch adviseur: staat er in dit artikel iets dat afwijkt van wat jouw veiligheidsregio zegt, volg dan je veiligheidsregio.

Wat wij wel doen: de tekening maken in een format dat beoordelaars herkennen. 90+ gemeenten beoordelen binnenkomende plattegronden en verkeersplannen in onze software, en meten daarin direct op de kaart.

De evenementenplattegrond-module is 100% gratis, voor altijd. Geen proefperiode, geen creditcard.

Veelgestelde vragen over het BGBOP

Wat is het BGBOP?
Het BGBOP is het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen, een landelijke algemene maatregel van bestuur op grond van de Wet veiligheidsregio's, in werking sinds 1 januari 2018. Het stelt regels voor brandveilig gebruik van plaatsen die geen bouwwerk zijn, zoals evenemententerreinen, tenten, tribunes en kampeerterreinen, plus regels voor basishulpverlening op die plaatsen. Het verving de brandveiligheidsvoorschriften uit de gemeentelijke brandbeveiligingsverordening.
Wanneer moet ik een gebruiksmelding doen voor mijn evenement?
Volgens artikel 2.1 in vier gevallen: bij nachtverblijf voor meer dan 10 personen, bij verzorging van meer dan 10 kinderen onder de 12 jaar of meer dan 10 lichamelijk of verstandelijk gehandicapte personen, bij een verblijfsruimte bestemd voor meer dan 150 personen tegelijk, en bij toepassing van een gelijkwaardige oplossing. Voor evenementen is de grens van 150 personen per verblijfsruimte in de praktijk de belangrijkste.
Hoe lang van tevoren moet de gebruiksmelding binnen zijn?
Ten minste vier weken voor de voorgenomen aanvang van het gebruik, aldus artikel 2.2. Het bevoegd gezag, het college van burgemeester en wethouders, mag een kortere periode hanteren maar geen langere eisen. Loopt je melding mee in de evenementenvergunning, dan geldt in de praktijk de indieningstermijn van die vergunning, en die is bij veel gemeenten acht tot twaalf weken.
Heb ik een gebruiksmelding nodig als ik al een evenementenvergunning heb?
Meestal niet. Artikel 2.1 lid 3 bepaalt dat de meldplicht niet geldt wanneer voor de plaats een evenementenvergunning vereist is en de gegevens uit artikel 2.3 in dat kader moeten worden aangeleverd. Je levert de situatieschets en de plattegronden dan een keer aan, bij de vergunningsaanvraag. Vraag het je gemeente na, want of zij die gegevens binnen de vergunning uitvragen verschilt per gemeente.
Wat moet er op de situatietekening en plattegrond staan volgens het BGBOP?
Artikel 2.3 vraagt een situatieschets met noordpijl en een plattegrond met maat- of schaalaanduiding die alle objecten groter dan 25 m² bevat. Voor elk bouwsel met een verblijfsruimte voor meer dan 150 personen komt daar een plattegrond bij met de beschikbare oppervlakte, de gebruiksbestemming, de hoogste bezetting, de opstelling van inventaris, en verder brand- en rookwerende scheidingen, vluchtroutes en nooduitgangen met hun breedte, draairichting van doorgangen, vluchtrouteaanduiding, noodverlichting, brandblusvoorzieningen en de brandweeringang.
Welke regels gelden er voor brandveiligheid in tenten?
Een feesttent is een bouwsel en valt dus onder het BGBOP. Relevante normen: elke vrije doorgang in een vluchtroute minimaal 0,50 m breed met ten minste een doorgang van 0,85 m, een gangpad minimaal 1,1 m, minimaal 0,45 m tussen rijen zitplaatsen, noodverlichting boven 75 personen, en de doorstroomcapaciteit van 135 personen per minuut per meter vrije breedte bij een gewone doorgang. Veiligheidsregio's vullen dat aan met plaatsingsafstanden tot gebouwen en andere bouwsels, en die kunnen per regio verschillen. Check daarvoor de handreiking van je eigen veiligheidsregio.